|
Dochter kan moeder niet langer helpen Een hoogbejaarde moeder heeft een longziekte en is het grootste deel van de dag afhankelijk van extra zuurstof. Zij kan hierdoor niet zonder de hulp en begeleiding van haar dochter die in verband hiermee tijdelijk bij haar is ingetrokken. Daarnaast helpt thuiszorg twee keer per week met douchen. Er komt echter een einde aan mogelijkheden van de dochter om bij haar moeder te blijven. Hoe moet het verder. Moeder kan niet zonder hulp gedurende meerdere uren per dag. De dochter roept hulp in van ZWO . Deze legt moeder en dochter een aantal mogelijke oplossingen voor waaruit een keuze gemaakt kan worden. Gekozen wordt voor een oplossing in de eigen woonsituatie van moeder met inzet van hulp en verpleging via een Persoonsgebonden budget. Er is een indicatie gesteld door het CIZ. Het budget dat hieruit voortvloeit wordt gebruikt voor de inzet van een team van drie personen. De teamleden komen volgens een rooster 3 keer per week van 8.30 uur tot 12.00 uur helpen met douchen, huishoudelijk werk, boodschappen enz. Iedere ochtend en avond helpen de teamleden met het aan- en uittrekken van steunkousen. De samenstelling van het team is zodanig dat daarin alle vereiste disciplines vertegenwoordigd zijn. “Hooguit een paar maanden” zei de arts. Doodziek, volkomen afhankelijk van hulp en thuis willen sterven. Dat was de situatie waarvoor een waardige passende oplossing gezocht moest worden. De zoon van de zieke vrouw gaf aan deze laatste maanden zelf voor zijn moeder te willen zorgen. Naast de bijzondere band van moeder en zoon had de zoon een verpleegkundige achtergrond en ervaring. Hij vroeg en kreeg zorgverlof van zijn werkgever. Het CIZ indiceerde verzorging, verpleging en huishoudelijke hulp (2005). Op basis van het Persoongebonden budget dat werd toegekend heeft de zoon zijn moeder zeven maanden lang in haar eigen vertrouwde omgeving kunnen verzorgen. Zwaar getroffen door een herseninfarct: “Ik kom weer thuis” ´s Morgens sta je gezond op en een paar uur later lijkt het leven geen leven meer. Dat overkwam het echtpaar Maas gezonde zeventigers genietend van hun vrijheid. Tijdens een bootvakantie werd de heer Maas getroffen door een herseninfarct. Na een aantal spannende dagen bleken de gevolgen ernstig. Een blijvende halfzijdige verlamming met daaruit voortvloeiende spraakstoornis en beperking van het gezichtsvermogen gaven het leven van de heer en mevrouw Maas een totaal andere wending. Vele maanden verblijf in zieken- en verpleeghuis, fysiotherapie, logopedie. Kortom keihard werken met maar een doel: weer samen thuis leven. Naast een aantal noodzakelijke aanpassingen in huis was er extra hulp nodig om er voor te zorgen dat de last voor mevrouw Maas niet te zwaar zou worden. Het CIZ indiceerde verpleging, verzorging en huishoudelijk hulp (2005). Aanvankelijk koos het echtpaar voor zorg in natura. Contact met ZWO leerde dat er ook andere mogelijkheden waren. Het voor en tegen van alle mogelijkheden zijn zorgvuldig afgewogen. Uiteindelijk is gekozen voor de extra mogelijkheden van het Persoonsgebonden budget. Geheel aansluitend op de behoeften en omstandigheden van de heer en mevrouw Maas wordt de zorg ingevuld door een team van medewerksters van een klein particulier thuiszorgbureau. Door adequate inkoop en inzet van de zorg biedt het budget nog ruimte voor de inzet van extra hulp waardoor mevrouw Maas in staat is andere, niet aan huis gebonden dingen te doen. Dit gaat zelf zover dat op het moment dat mevrouw Maas dringend aan een paar dagen rust toe is er 24 uur per dag een zorgverlener bij haar man is.
|
||||||||